
300 g stevige witvis (kabeljauw, schelvis of koolvis)
150 g zalmfilet
1 prei
1 wortel
1 kleine ui
1 teentje knoflook
1 el boter
600 ml visbouillon
100 ml kookroom
1 tl mosterd
1 tl citroensap
1 el verse dille (fijngehakt)
zout en peper
Snipper de ui en knoflook fijn. Snijd de prei in halve ringen en de wortel en venkel in kleine blokjes.
Smelt de boter in een soeppan en fruit ui en knoflook op laag vuur tot ze glazig zijn. Voeg de wortel, venkel en prei toe en bak enkele minuten mee. Voeg de mosterd toe.
Giet de visbouillon erbij en laat de soep ongeveer 10 minuten zachtjes koken zodat de groenten zacht worden.
Voeg nu de room toe. Snijd de witvis en zalm in grove stukken en voeg ze toe aan de soep. Laat nog 4–5 minuten zachtjes garen.
Breng op smaak met citroensap, zout en peper en voeg de verse dille toe.
Serveer de soep warm met knapperig brood.

Perfecte match